Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding, met producties;
- de akte wijziging van eis;
- de conclusie van antwoord, met producties;
- het tussenvonnis van 18 september 2013;
- het proces-verbaal van comparitie van 23 januari 2014.
2.De feiten
ontvangen 8 feb 2007”.
3.Het geschil
4.De beoordeling
zes maanden na heden verjaart”. De rechtbank oordeelt dat hiermee een ondubbelzinnige vermelding is gemaakt van de duur van de nieuwe verjaringstermijn, waardoor [eiser] stelling dat de afwijzing niet ondubbelzinnig is geformuleerd, niet slaagt.
Kamerstukken II2008-09, 32 038, nr. 3, p.7) hierover:
- griffierecht € 589,00
- salaris advocaat