De rechtbank Midden-Nederland behandelde een kort geding waarin eisers vorderden dat gedaagde binnen twee dagen de gehuurde woning zou ontruimen vanwege niet-betaling van huur en waarborgsom. Gedaagde verzocht om uitstel van de zitting wegens medische redenen en logistieke problemen, maar dit verzoek werd afgewezen omdat zij onvoldoende onderbouwing leverde en te laat was met het verzoek.
Gedaagde verscheen niet op de zitting, waarna verstek werd verleend. De voorzieningenrechter oordeelde dat de vorderingen van eisers gegrond waren, omdat gedaagde toerekenbaar tekort was geschoten in de nakoming van haar verplichtingen uit de huurovereenkomst. De gevorderde ontruiming en betaling van huurachterstand, maandelijkse huur en kosten water/energie, alsmede de waarborgsom, werden toegewezen.
De rechtbank wees de machtiging tot zelfuitvoering van de ontruiming af, omdat de wettelijke executiemogelijkheden toereikend zijn. Ook werd een vergoeding voor ontruimingskosten afgewezen, omdat deze kosten na het vonnis kunnen ontstaan en een aparte executoriale titel vereisen. De proceskosten werden aan gedaagde opgelegd. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.