ECLI:NL:RBMNE:2014:3388

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
20 juni 2014
Publicatiedatum
6 augustus 2014
Zaaknummer
16-650269-12 ontneming
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 3 onder B OpiumwetArt. 511b Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing vordering ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij

De rechtbank Midden-Nederland heeft op 20 juni 2014 uitspraak gedaan in een ontnemingszaak tegen een veroordeelde die werd veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk telen van hennep en diefstal door meerdere personen. De officier van justitie vorderde ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel, begroot op €56.192,66, met een verbeurdverklaring van €6.625,00 aan in beslag genomen geld.

De verdediging voerde aan dat de ontnemingsvordering moest worden afgewezen vanwege een bepleite vrijspraak in de strafzaak. De rechtbank baseerde haar oordeel op het bewezen verklaarde feit van het telen van 733 hennepplanten en aanwijzingen voor eerdere oogsten, onderbouwd met bewijsmateriaal zoals stoflagen op lampen, vervuilde filters en resten van hennepplanten.

De rechtbank nam de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel over van de verbalisant, waarbij de bruto opbrengst werd vastgesteld op €67.797,60 en de kosten op €4.979,94. Na aftrek van de verbeurdverklaring en betaalde elektriciteitskosten bleef een netto wederrechtelijk verkregen voordeel over van €52.213,76. De rechtbank legde de veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de staat te betalen en wees de overige vorderingen af.

Uitkomst: Veroordeelde is verplicht €52.213,76 aan de staat te betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht
Zittingslocatie Utrecht
parketnummer: 16/650269-12 (ontneming)
vonnis van de meervoudige kamer d.d. 20 juni 2014
in de ontnemingszaak tegen
[verdachte]
geboren op [1956] te [geboorteplaats]
wonende aan de [adres] te [woonplaats]
Raadsman mr. R.C. Vermeer, advocaat te Rhenen

1.De procedure

De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:
- de vordering, die binnen de in artikel 511b van het Wetboek van Strafvordering genoemde termijn aanhangig is gemaakt;
- het strafdossier onder parketnummer 16/650269-12 waaruit blijkt dat veroordeelde op 20 juni 2014 door de rechtbank is veroordeeld ter zake van:
- het medeplegen van het opzettelijk handelen in strijd met een in artikel 3 onder Pro B van de Opiumwet gegeven verbod;
- diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van verbreking,
tot de in die uitspraak vermelde straf;
- het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij d.d. 15 maart 2012, proces-verbaal nummer 201117178;
- de bevindingen tijdens het onderzoek ter terechtzitting;
- de overige stukken.
Tijdens het onderzoek ter terechtzitting is de officier van justitie gehoord. Tevens is de veroordeelde gehoord, bijgestaan door zijn raadsman mr. R.C. Vermeer, advocaat te Rhenen.

2.De beoordeling

2.1
De vordering van de officier van justitie
De (gewijzigde) vordering van de officier van justitie strekt tot het aan de veroordeelde opleggen van de verplichting tot betaling aan de Staat van het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel van € 56.192,66.
De hiervoor genoemde wijziging is gedaan nu de verbeurdverklaring van het onder veroordeelde in beslag genomen geldbedrag, te weten € 6.625,00, is gevorderd. Subsidiair, indien de rechtbank voornoemd bedrag niet verbeurd verklaart bedraagt het geschatte wederrechtelijk verkregen voordeel € 62.817,66.
2.2
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft aangevoerd dat, gelet op de in de strafzaak bepleite vrijspraak, de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden afgewezen.
2.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank gaat bij de beoordeling van de vordering uit van het - voor zover thans relevant - in dat vonnis bewezen verklaarde strafbare feit, te weten het opzettelijk telen van in totaal 733 hennepplanten in de periode van 27 september 2011 tot en met 29 november 2011.
De rechtbank heeft daarnaast voldoende aanwijzingen dat veroordeelde vóór de op 29 november 2011 aangetroffen teelt een eerdere hennepoogst heeft gehad. De rechtbank baseert zich daarbij op de in beslaggenomen notities waaruit volgt dat er knipgeld betaald is. [1] Voorts zaten de kappen van de in de kwekerijen aanwezige assimilatielampen onder een lichte laag stof. Het filtermateriaal van de aanwezige koolstoffilters was vervuild. Op de vloer van de kwekerijen lagen droge afvalbladeren en droge resten van hennepplanten. Het zeil op de vloer van de kwekerijen, de afvoergoten en de watervaten waren voorzien van een kalklaag/kalkaanslag. Voorts werd een vuilniszak met resten van hennepplanten aangetroffen. [2]
De rechtbank acht aldus voldoende aannemelijk geworden dat veroordeelde voordeel heeft genoten door middel van andere (dan de bewezen verklaarde) feiten waaromtrent voldoende aanwijzingen bestaan dat zij door de veroordeelde zijn begaan.
De rechtbank neemt als grondslag voor de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel, de berekening van de verbalisant [verbalisant] d.d. 15 maart 2012. [3]
De rechtbank neemt de uitgangspunten bij de berekening uit het proces-verbaal over en maakt deze tot de hare. Deze uitgangspunten acht de rechtbank voldoende onderbouwd en deze zijn door de verdediging niet betwist.
Gelet op hetgeen hiervoor is overwogen komt de rechtbank tot de volgende uitgangspunten en berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel ten aanzien van één oogst:
Uitgangspunten ten aanzien van de opbrengst:
Aantal planten: 733 [4]
Opbrengst per plant: 28,2 gram [5]
Verkoopprijs per gram: € 3,28 [6]
Totaal bruto wederrechtelijk verkregen voordeel:
733 x 28,2 gram x € 3,28 = € 67.797,60 [7]
Uitgangspunten ten aanzien van de kosten:
Afschrijving: € 450,00. [8]
Inkoopprijs stekje: € 2,85 [9] (x 733 planten) = € 2.089,05.
Overige variabele kosten 733 x € 3,33 [10] = € 2.440,89.
Totale kosten: € 450,00 + €2.089,05 + € 2.440,89 = € 4.979,94. [11]
De rechtbank houdt voorts rekening met de verbeurdverklaring van het onder veroordeelde in beslag genomen geldbedrag van € 6.625,00 [12] en de door veroordeelde betaalde elektriciteitsrekening van Stedin ten bedrage van € 4.978,90. [13]
De rechtbank zal voornoemde bedragen in mindering brengen op het door veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel.
Op grond van het bovenstaande stelt de rechtbank het netto wederrechtelijk verkregen voordeel vast op een bedrag van:
Bruto opbrengst: € 67.797,60
Kosten: € 4.979,94
Verbeurdverklaring € 6.625,00
Kosten Stedin € 4.978,90 -
Netto: € 52.213,76
Draagkracht veroordeelde
Niet aannemelijk is geworden dat de veroordeelde naar redelijke verwachting ook in de toekomst niet in staat zal zijn aan zijn betalingsverplichting te voldoen.

3.De beslissing.

De rechtbank schat het bedrag dat aan wederrechtelijk verkregen voordeel is genoten op
€ 52.213,76.
Zij legt de veroordeelde de verplichting op tot betaling aan de staat van een geldbedrag ter grootte van
€ 52.213,76, ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Zij wijst de vordering van de officier van justitie voor het overige af.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.P.H.M. Severeijns, voorzitter, mrs. A.M. Verhoef en P.P.C.M. Waarts, rechters, in tegenwoordigheid van G. van Engelenburg, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 20 juni 2014.
De voorzitter en de griffier zijn buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen.

Voetnoten

1.Proces-verbaal van bevindingen, pagina 55, van het strafdossier en bijlagen pagina 110 en 111.
2.Rapportage diefstal energie, pagina 24 tot en met 27 van het strafdossier.
3.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, met bijlagen, proces-verbaal nummer 2011171781.
4.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 2.
5.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 2 + bijlage.
6.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 2 + bijlage.
7.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 2.
8.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 3 + bijlage.
9.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 3 + bijlage.
10.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 3 + bijlage.
11.Het rapport wederrechtelijk verkregen voordeel hennepkwekerij, pagina 3.
12.Vonnis meervoudige strafkamer van de rechtbank Midden-Nederland d.d. 20 juni 2014.
13.Verklaring veroordeelde afgelegd ter terechtzitting d.d. 6 juni 2014; proces-verbaal van bevindingen, pagina 56 van het strafdossier.