ECLI:NL:RBMNE:2014:3595
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens vermeende partijdigheid
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de kantonrechter die haar civiele zaak behandelde, omdat zij meende dat de rechter partijdig was door het niet toelaten van een akte wijziging/vermeerdering van eis vlak voor het vonnis. De rechter had bij rolbeslissingen van 9 en 16 juli 2014 de akte geweigerd omdat deze niet gebaseerd was op nieuwe feiten en de indiening vlak voor het vonnis de procedure ernstig zou vertragen.
Tijdens de comparitie en de daaropvolgende procedure ontstond bij verzoekster het gevoel dat de rechter haar standpunten niet serieus nam en al een oordeel klaar had, wat aanleiding gaf tot het wrakingsverzoek. De wrakingskamer heeft dit verzoek openbaar behandeld waarbij ook de gemachtigde van de wederpartij aanwezig was.
De rechtbank oordeelde dat een rolbeslissing een procesbeslissing is en dat een negatief ervaren procesbeslissing op zichzelf geen grond is voor wraking, tenzij deze onbegrijpelijk is en wijst op partijdigheid. De motivering van de weigering van de akte was helder en niet onbegrijpelijk. Er was geen aanwijzing dat de rechter vooringenomen was of de schijn van partijdigheid had gewekt.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en is het verzoek niet ontvankelijk voor inhoudelijke heroverweging van de procesbeslissingen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter wordt afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor onpartijdigheidsschending.