Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Voorvragen
4.Waardering van het bewijs
(de rechtbank begrijpt[slachtoffer 3])bij haar kwam. De moeder van [slachtoffer 3], [A] heeft verklaard dat [slachtoffer 3] naar Nederland ging om de behandeling met ibogaïne te ondergaan. Van te voren was er contact over hoe de behandeling zou gaan en wat de voorwaarden waren, ook qua gezondheid. [2] De behandeling verliep, blijkens de verklaring van verdachte, goed tot 18 maart 2011 omstreeks 21.00 uur. [slachtoffer 3] begon agressief te worden en had het idee dat hij achtervolgd werd. Op dat moment zat hij echter gewoon tv te kijken. [3] Hij wilde weg en stond erop dat verdachte hem naar een hotel bracht. Onderweg bleef hij agressief en tijdens het rijden begon hij aan het stuurwiel van de auto te trekken. Verdachte heeft hem bij het hotel afgeleverd. [4]
(de rechtbank begrijpt[slachtoffer 3])helemaal in paniek was. Hij zag allemaal rare dingen. Verdachte heeft de jongen naar hotel Breukelen gebracht. [B] is vervolgens samen met medeverdachte [medeverdachte] naar het hotel toe gegaan. De jongen maakte op getuige een paranoia/schichtige indruk. [6]
(de rechtbank begrijpt ‘om drugs te gebruiken’)gaat weg. [10] Verdachte maakt er poeder van of koopt het in poedervorm. [11] De capsules maakt verdachte zelf. Daar doet ze de iboga in. [12]
zou gaanveroorzaken.
(de rechtbank begrijpt hartritme)optreedt.
5.Bewezenverklaring
6.De strafbaarheid van het feit
7.De strafbaarheid van verdachte
8.Motivering van de straffen en maatregelen
9.Ten aanzien van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
10.Toepasselijke wettelijke voorschriften
11.Beslissing
141 (honderdeenenveertig) dagen.
[A]niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.
[G]niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.
[slachtoffer 4]niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat deze vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter.