Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.HET ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.DE TENLASTELEGGING
het door verdachte:
3 DE VOORVRAGEN
first offenderen vrij snel nadat tegen de verdachte aangifte was gedaan was het voor het openbaar ministerie duidelijk dat er bij verdachte sprake was van persoonlijkheidsproblematiek. Zo werd verdachte reeds in 2009 door de Meerkanten gediagnosticeerd met het syndroom van Asperger. Dit wordt ondersteund door de Pro Justitia-rapportage van 12 juli 2013. Uit deze rapportage, opgesteld door B.G.J. Gunnewijk, kinder- en jeugdpsychiater en M. van Heteren, GZ-psycholoog, volgt dat er bij verdachte, gezien zijn functioneren, mogelijk sprake is van een lichte vorm van autisme, zijnde de stoornis van Asperger. Verdachte lijdt daarbij aan een ziekelijke stoornis in de zin van een aandachtstekortstoornis met hyperactiviteit en een onrijpe gewetensvorming, waarbij zijn persoonlijkheidsontwikkeling bedreigd is. Daarnaast wordt een aanpassingsstoornis met depressieve kenmerken gezien in relatie tot de consequenties die het bekend zijn van de ten laste gelegde feiten met zich meebrengt.