ECLI:NL:RBMNE:2014:6599
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbindingsverzoek arbeidsovereenkomst wegens alcoholverslaving werknemer
De zaak betreft een verzoek van een klein interieurbouwbedrijf tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer die kampt met een alcoholverslaving. De werknemer was sinds 2007 in dienst en had in 2010 een behandeling ondergaan voor zijn verslaving. Na een periode van ruim drie jaar goed functioneren, werd het alcoholgebruik vanaf november 2013 problematisch, wat leidde tot diverse problemen op het werk.
De werkgever stelde dat de werknemer ondanks waarschuwingen en schorsing niet meewerkte aan behandeling en dat zijn gedrag de veiligheid en bedrijfsvoering schaadde. De werknemer voerde verweer onder meer met een beroep op de reflexwerking van het opzegverbod tijdens ziekte.
De kantonrechter overwoog dat alcoholverslaving als ziekte geldt, maar dat van de werknemer verwacht mag worden dat hij zich inspant voor herstel. De werkgever moet de werknemer daarbij ondersteunen. In deze zaak was onvoldoende aannemelijk dat de werknemer zich niet inspande of gevaarlijke situaties veroorzaakte. Ook was onvoldoende onderbouwd dat het alcoholgebruik leidde tot frequente ziekmeldingen.
De kantonrechter concludeerde dat de werkgever de werknemer geen reële laatste kans had geboden en dat het ontbindingsverzoek daarom moest worden afgewezen. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen vanwege onvoldoende onderbouwing en reflexwerking van het opzegverbod tijdens ziekte.