Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het tussenvonnis van 2 oktober 2013,
- de conclusie van antwoord in reconventie tevens houdende wijziging van eis in conventie met producties 20 tot en met 24,
- de door Fortum c.s. nagezonden productie 20 (nu inclusief bijlagen) behorend bij de conclusie van antwoord tevens houdende wijziging van eis in reconventie,
- het proces-verbaal van de comparitie na antwoord van 13 maart 2014,
- de brief van [gedaagde] van 3 april 2014,
- de brief van Fortum c.s. van 8 april 2014.
2.De feiten
in conventie en in reconventie
Voorstel [adres]
TEGENPRESTATIE:
EUR 1.300.000,00 (een miljoen driehonderdduizend euro);
- de renovatie en uitbreiding van het [naam] ;
- het oprichten van (maximaal) 14 woningen met bijbehorende infrastructuur (dit is inclusief bewoners parkeren op eigen terrein);
- het handhaven van de bestaande woning [adres] .
3.De vordering en het verweer
in conventie
4.De beoordeling
in conventie en in reconventie
(…) indien geen planrealisatie plaatsvindt.”
de bouw van appartementencomplexen met aanbehoren”. Nu er geen appartementencomplexen worden gerealiseerd, vervalt dus de verplichting tot het leveren van de appartementsrechten aan [gedaagde] .
eenplan wordt gerealiseerd. In de overeenkomst is rekening gehouden met het geval dat een ander plan dan het bij de overeenkomst gevoegde plan zou worden gerealiseerd. Zodra een plan wordt gerealiseerd blijkt uit de overeenkomst dat Fortum c.s. gehouden is appartementsrechten te leveren aan [gedaagde] . Aan die verplichting kan Fortum c.s. voldoen door een in het laatste plan opgenomen woning zijnde een appartementsrecht, of daarvoor in de plaats een woning niet zijnde een appartementsrecht te leveren of wel de vervangende waarde van € 400.000,00 te betalen.
complexzou worden gerealiseerd.
het was gewoon een mooi plan”, zo heeft [gedaagde] in dat kader nog verklaard. Deze verklaring en de verklaring van Fortum c.s. ondersteunen aldus de conclusie dat partijen met de regeling omtrent aanpassingen van het plan niet voor ogen hebben gehad de situatie die zich thans voordoet waarbij geen appartementencomplexen worden gerealiseerd, vanwege het ontbreken van medewerking van de gemeente.
complexenop het perceel. Op grond van de overgelegde correspondentie van de gemeente en deze verklaring van [gedaagde] gaat de rechtbank ervan uit dat nakoming van de verplichting van Fortum c.s. tot ontwikkeling van een in de overeenkomst bedoeld plan niet meer mogelijk is. De rechtbank heeft overigens hiervoor al geconcludeerd dat de verplichting van Fortum c.s. tot levering van de appartementen afhankelijk was van het ontwikkelen van het plan waarin appartementencomplexen zouden worden gerealiseerd en tot meer niet gehouden was, zodat de overige opmerkingen van [gedaagde] ten aanzien van hetgeen in het proces-verbaal staat opgenomen gepasseerd kunnen worden.
904,00(2,0 punten × tarief € 452,00)