ECLI:NL:RBMNE:2015:1369
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Correcte waardering woning en grond bij WOZ-akkerbouwbedrijf met vrijstaande woning
Eiser, eigenaar van een akkerbouwbedrijf met vrijstaande woning, betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van de woning en de grondslag van het gebruikersdeel van de OZB-aanslag. Verweerder had de woning gewaardeerd als 'woning vrijstaand (luxe)' op basis van de taxatiewijzer 'Agrarische gebouwen' en de grond bij de woning gewaardeerd met een gemiddelde vierkante meterprijs van de totale grondoppervlakte.
De rechtbank oordeelde dat de waardering van de woning als luxe vrijstaande woning gerechtvaardigd was, mede op basis van foto’s in het taxatierapport. De stelling van eiser dat de woning niet over een goede uitstraling beschikt, was onvoldoende onderbouwd.
Wel stelde de rechtbank vast dat verweerder ten onrechte geen meerwaarde aan de grond bij de woning had toegekend. De taxatiewijzer 'Grond bij agrarische objecten' laat zien dat een erf met woning een hogere waarde heeft dan een erf zonder woning. Daarom moet de meerwaarde aan de grond bij de woning worden toegerekend, wat leidt tot een vermindering van de grondslag van het gebruikersdeel van de aanslag van € 1.200.000 naar € 862.000.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond voor zover het de waarde van de woning betreft, maar gegrond voor zover het de grondslag van het gebruikersdeel betreft. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiser en het betaalde griffierecht terugbetaald. De hoorplicht werd niet geschonden, maar dit bleef onbesproken omdat partijen geen terugwijzing wensten.
De uitspraak is gedaan door rechter T.A. de Hek op 6 januari 2015 te Lelystad.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning is terecht vastgesteld, maar de grondslag van het gebruikersdeel van de OZB wordt verminderd vanwege een te lage waardering van de grond bij de woning.