Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van 1 mei 2015 van de meervoudige kamer op de beroepen van
1. [eiser sub 1] en 1a
[eiser sub 2a], eisers 2,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder,
Dela Uitvaartverzorging BV, gevestigd te Eindhoven, gemachtigde: mr. A.A. van den Brand.
Procesverloop
Overwegingen
1.1. Op 20 december 2012 heeft Dela een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van een crematorium met uitvaartfaciliteiten op het perceel.
1.2. Eisers 1 wonen aan [adres], eisers 2 aan [adres] te [woonplaats]. De woonwijk waarin de woningen van eisers liggen en de gronden (‘Kavel K’) waarop onder andere het perceel ligt, zijn gescheiden door een watergang, de Liesveldse Wetering.
Het perceel heeft daarin de bestemming ‘Bedrijfsdoeleinden (uit te werken)’. Binnen deze bestemming zijn onder andere bedrijven, maatschappelijke voorzieningen en dienstverlening toegestaan.
Artikel 9, aanhef, lid C, van de planvoorschriften bepaalt dat burgemeester en wethouders, onder de in dat artikel genoemde voorwaarden, vrijstelling kunnen verlenen van het bepaalde in lid B. Een van die voorwaarden is dat ‘de op te richten bebouwing in overeenstemming dient te zijn met een reeds vastgestelde uitwerking of met een daarvoor gemaakt ontwerp, ofwel met een document zoals een concept-uitwerkingsplan, waarin de inpasbaarheid in de integrale uitwerking redelijkerwijs overzienbaar is’.
Indien een dergelijke bevoegdheid door de wetgever is toegekend aan een bestuursorgaan, dient de bestuursrechter de wijze waarop het bestuursorgaan gebruikt maakt van die bevoegdheid, terughoudend te toetsen. Dat betekent dat de rechtbank in deze procedure dient te beoordelen of verweerder in dit geval in redelijkheid van zijn bevoegdheid gebruik heeft gemaakt.
De rechtbank stelt op grond van de stukken vast dat in december 2012 in verband met de vergunningaanvraag een wijkbericht in de directe omgeving van het bouwplan is verspreid en dat informatie op de site van Wijkbureau Leidsche Rijn is geplaatst. De aanvraag om omgevingsvergunning is in januari 2013 gepubliceerd, zowel via de gemeentelijke website als in het blad “Utrecht Dichtbij”. Weliswaar is de aanvraag tweemaal onder de onjuiste vermelding van de wijk “Terwijde” gepubliceerd, maar op 30 januari 2013 is de aanvraag alsnog onder de juiste vermelding aangekondigd en zijn de stukken ter inzage gelegd, waarbij een ieder in de gelegenheid is gesteld gedurende vier weken een zienswijze naar voren te brengen. Op 15 februari 2013 is een informatiebijeenkomst voor publiek gehouden. Op 4 april 2013 is vervolgens de omgevingsvergunning verleend; als bijlage daarbij heeft verweerder een reactie op de ingediende zienswijzen gegeven.