Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan de onder 1 primair en subsidiair en onder 2 ten laste gelegde feiten.
Rechtbank Midden-Nederland
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 8 mei 2015 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen van het telen en aanwezig hebben van ongeveer 600 hennepplanten in een schuur, alsmede diefstal van elektriciteit in de periode van 11 oktober tot en met 8 november 2012.
De officier van justitie achtte het niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk hennep heeft geteeld of aanwezig heeft gehad en ook niet dat verdachte betrokken was bij diefstal van elektriciteit. De verdediging stelde dat verdachte niet wist van de hennepkwekerij en dat de huurprijs van de schuur redelijk was voor opslag.
De rechtbank oordeelde dat verdachte geen opzet had en geen toegang of beschikkingsmacht over de schuur had, waardoor het bestanddeel aanwezig hebben niet bewezen kon worden. Ook was er onvoldoende bewijs voor diefstal van elektriciteit. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Het vonnis werd uitgesproken door de meervoudige kamer op 22 mei 2015 in Utrecht.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van medeplegen telen en aanwezig hebben van hennep en diefstal van elektriciteit wegens onvoldoende bewijs.