ECLI:NL:RBMNE:2015:5819
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek aanwijzingen en periodieke loonbetaling vereffenaar nalatenschap
Verzoeker, benoemd als vereffenaar van de nalatenschap van een overledene, verzocht de kantonrechter om aanwijzingen te geven over voorgenomen handelingen op grond van artikel 4:210 BW Pro. Tevens vroeg hij toestemming om zijn loon periodiek te mogen factureren tegen zijn gebruikelijke uurtarief.
De kantonrechter overwoog dat de verplichting van een vereffenaar om aanwijzingen van de kantonrechter op te volgen niet betekent dat alle voorgenomen handelingen ter goedkeuring moeten worden voorgelegd; er moet een gegronde reden zijn voor een dergelijk verzoek. Deze gegronde reden ontbrak in dit geval, waardoor het verzoek tot aanwijzingen werd afgewezen.
Ten aanzien van het loonverzoek stelde de kantonrechter dat er geen concreet verzoek was gedaan om het loon vast te stellen of een voorschot toe te kennen. Volgens artikel 4:206 lid 3 BW Pro en de Recofa-richtlijnen wordt het loon van een vereffenaar doorgaans aan het einde van de vereffening vastgesteld, met de mogelijkheid tot voorschotten onder specifieke omstandigheden. Gezien het ontbreken van concrete afspraken werd ook dit verzoek afgewezen.
De beschikking werd op 24 juli 2015 in het openbaar uitgesproken door kantonrechter A.A.T. van Rens in aanwezigheid van de griffier.
Uitkomst: Verzoek tot aanwijzingen en periodieke loonbetaling van vereffenaar wordt afgewezen.