ECLI:NL:RBMNE:2015:5832

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
4 augustus 2015
Publicatiedatum
4 augustus 2015
Zaaknummer
16/660211-14 (ontneming)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Eerste aanleg - meervoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 511b Sv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling medeplichtigheid phishing, witwassen en verduistering met ontnemingsvordering afgewezen

De rechtbank Midden-Nederland heeft een 64-jarige man uit Diemen veroordeeld tot een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, wegens medeplichtigheid aan phishing, medeplegen van witwassen en verduistering van een auto. De verdachte stelde zijn bankrekening ter beschikking en hielp bij de aankoop van een auto met gestolen geld, waardoor aanzienlijke financiële schade werd toegebracht aan twee Rabobankklanten en het vertrouwen in het digitale betalingsverkeer werd geschaad.

De verdachte werd vrijgesproken van flessentrekkerij, evenals twee medeverdachten. Op advies van de reclassering zijn bijzondere voorwaarden opgelegd, waaronder ambulante behandeling. Daarnaast moet de verdachte €56.750 aan schadevergoeding betalen aan de slachtoffers en €29.236,87 terugbetalen aan de Staat als ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

De ontnemingsvordering van het Openbaar Ministerie werd echter niet-ontvankelijk verklaard omdat de rechtbank in de hoofdzaak geen wederrechtelijk verkregen voordeel vaststelde. De procedure omvatte een onderzoek ter terechtzitting en het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel. De uitspraak werd gedaan op 4 augustus 2015 door de rechtbank Midden-Nederland, sector strafrecht, locatie Utrecht.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 12 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en ontnemingsvordering afgewezen wegens geen wederrechtelijk verkregen voordeel.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Afdeling Strafrecht
Zittingslocatie Utrecht
Sector strafrecht
Parketnummer: 16/660211-14 (ontneming)
beslissing van de rechtbank van 4 augustus 2015
in de ontnemingszaak tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [1964] ,
woonachtig aan de [adres]

1.De procedure

De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:
- de vordering, die binnen de in artikel 511b van het Wetboek van Strafvordering genoemde
termijn aanhangig is gemaakt;
- het rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel van 9 maart 2015;
- de bevindingen tijdens het onderzoek ter terechtzitting van 21 juli 2015;
- het strafdossier onder parketnummer 16/660211-14 waaruit blijkt dat verdachte op 4 augustus 2015 door deze rechtbank is vrijgesproken van het hem ten laste gelegde feit.
Tijdens het onderzoek ter terechtzitting is de officier van justitie gehoord. Tevens is de verdachte gehoord, bijgestaan door zijn raadsman, mr. D.C. Dorrestein, advocaat te Utrecht.

2.De beoordeling

2.1
De vordering van de officier van justitie en het standpunt van de verdediging
De officier van justitie heeft in eerste instantie gevorderd verdachte te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 13.508,55. De officier van justitie heeft deze vordering ter terechtzitting niet gehandhaafd, gelet op de in de hoofdzaak gevorderde vrijspraak. De verdediging heeft afwijzing van de vordering bepleit.
2.2.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank heeft in de onderliggende strafzaak heden vonnis gewezen, waarbij verdachte is vrijgesproken van de verdenking van flessentrekkerij. Er kan dan ook niet worden vastgesteld dat verdachte wederrechtelijk verkregen voordeel heeft genoten, zodat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk zal worden verklaard in de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.

2.De beslissing

De rechtbank:
De rechtbank verklaart het openbaar ministerie
niet ontvankelijkin de vordering tot
ontnemingvan wederrechtelijk verkregen voordeel
Deze beslissing is gewezen door mr. A.J.P. Schotman, voorzitter, mrs. J.F. Haeck en R.B. Eigeman, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.J.C.J. Evers, griffier, en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 4 augustus 2015.
Mr. J.F. Haeck is buiten staat dit vonnis mede te ondertekenen