Op 23 mei 2013 werd verdachte betrapt op het telen van 421 hennepplanten in een pand te Wijdemeren en het stelen van elektriciteit van Liander N.V. om de kwekerij van stroom te voorzien. Tijdens de terechtzitting op 3 augustus 2015 bekende verdachte beide feiten. De rechtbank achtte de tenlastelegging wettig en overtuigend bewezen op basis van de bekentenis, het proces-verbaal van de hennepkwekerij en de aangifte van Liander.
De rechtbank oordeelde dat het kweken van hennep een strafbaar feit is dat maatschappelijke schade en overlast veroorzaakt, mede door de ondeskundige aanleg van de elektrische installatie en de illegale stroomonttrekking. Verdachte handelde uit winstbejag en hield geen rekening met de gevolgen.
Gezien het feit dat verdachte niet eerder voor soortgelijke feiten was veroordeeld en rekening houdend met de tijd sinds aanhouding, legde de rechtbank een taakstraf op van 140 uren met een vervangende hechtenis van 70 dagen. De rechtbank zag geen aanleiding voor een voorwaardelijk strafdeel. Verdachte werd vrijgesproken van overige ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden.