ECLI:NL:RBMNE:2015:6294
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning voor paardenbakken in strijd met bestemmingsplan bevestigd
Eiser heeft op zijn perceel een paardenbak met uitloop- en longeerbak gerealiseerd en verzocht om een omgevingsvergunning ter legalisatie. Verweerder heeft de vergunning geweigerd omdat het gebruik en de bouwwerken niet passen binnen het bestemmingsplan “Agrarisch met waarden – Natuur - en Landschapswaarden” zonder de specifieke aanduiding “specifieke vorm van recreatie - paardenbak”.
De rechtbank stelt vast dat de paardenbakken voldoen aan de definitie van paardenbakken in het bestemmingsplan, maar dat deze alleen zijn toegestaan op gronden met de specifieke aanduiding. De hekwerken rondom de bakken zijn geen vergunningvrije bouwwerken. De aanvraag valt onder de uitgebreide voorbereidingsprocedure, waardoor geen vergunning van rechtswege is verleend. De weigering om de vergunning bekend te maken en de weigering van de vergunning zelf zijn terecht.
Eiser voerde aan dat de paardenbakken noodzakelijk zijn voor zijn bedrijfsvoering en dat verweerder onvoldoende belangenafweging heeft gemaakt. De rechtbank oordeelt dat verweerder zich op een redelijke belangenafweging heeft gebaseerd, waarbij het belang van het behoud van het buitengebied en het bestemmingsplan zwaarder weegt dan het belang van eiser. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank bevestigt de weigering van de omgevingsvergunning voor de paardenbakken omdat deze in strijd zijn met het bestemmingsplan.