Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.HET ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.DE TENLASTELEGGING
3.DE VOORVRAGEN
althansde doodslag op[slachtoffer]. Onder subsidiair is eveneens de doodslag op[slachtoffer] ten laste gelegd. Mede gelet op de strekking van het bepaalde in artikel 68 van Pro het Wetboek van Strafrecht zal de rechtbank daarom de officier van justitie niet-ontvankelijk verklaren in haar vervolging ter zake van het subsidiair ten laste gelegde.
4.DE BEWIJSMIDDELEN EN DE BEOORDELING DAARVAN
5.BEWEZENVERKLARING
6.KWALIFICATIE
7.STRAFBAARHEID
8.STRAFOPLEGGING
first offenderis, zijn verminderde toerekeningsvatbaarheid, het feit dat penitentiaire inrichtingen in Nederland niet zijn ingericht voor personen van de leeftijd van verdachte en dat hij het zwaar heeft in detentie.
9.DE BENADEELDE PARTIJ
10.TOEPASSELIJKHEID WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
8 jaren;