Uitspraak
2 J.M. VAN RAAIJEN,
[bedrijf 1] B.V.en
[bedrijf 2] B.V.,
1.[gedaagde sub 1] ,
[gedaagde sub 2],
[gedaagde sub 4],
5.[gedaagde sub 5] ,
[gedaagde sub 6],
[gedaagde sub 7],
Rechtbank Midden-Nederland
In deze civiele zaak tussen [eiseres sub 1] B.V. en meerdere gedaagden, waaronder een natuurlijk persoon en een mediabedrijf, heeft de voorzieningenrechter op verzoek van eisers een herstelvonnis uitgesproken. Dit herstelvonnis corrigeert een kennelijke fout in het eerder gewezen vonnis van 4 december 2015.
De fout bestond uit een onjuiste veroordeling in het dictum, waar gedaagden waren veroordeeld om bepaalde uitingen te herhalen, terwijl het vonnis in de overwegingen juist een verbod op herhaling van die uitingen oplegde. De voorzieningenrechter constateerde dat deze vergissing duidelijk was en herstelde het dictum in overeenstemming met de overwegingen.
Gedaagden sub 1 en sub 3 hadden bezwaar tegen de rectificatie omdat zij het verzoek niet hadden ontvangen, maar de rechter wees dit bezwaar af omdat zij voldoende gelegenheid hadden gehad om te reageren en het verzoek ook aan hen was toegezonden. Uiteindelijk werd bepaald dat gedaagden en het mediabedrijf voor de duur van een jaar worden verboden de betreffende uitingen op social media, waaronder de website van het mediabedrijf en de Facebook- en LinkedInpagina van gedaagde sub 1, te herhalen of te laten herhalen.
Het herstelvonnis is op 7 december 2015 gewezen en wordt toegevoegd aan het oorspronkelijke vonnis van 4 december 2015. Partijen worden gelast om de ontvangen stukken aan de griffie te retourneren.
Uitkomst: Gedaagden wordt voor de duur van een jaar verboden de betreffende uitingen op social media te herhalen of te laten herhalen.