ECLI:NL:RBMNE:2015:9204
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs mishandeling en diefstal met geweld
De rechtbank Midden-Nederland behandelde een zaak waarin verdachte werd verdacht van betrokkenheid bij mishandeling en diefstal met geweld op 22 november 2002 in Hilversum. De tenlastelegging betrof het gezamenlijk plegen van geweld tegen het slachtoffer en het wegnemen van persoonlijke goederen, waaronder een jas, mobiele telefoon en rijbewijs.
Het onderzoek startte na vondst van het lichaam van het slachtoffer nabij een auto met sporen van geweld. Ondanks sectie bleek geen sprake van een misdrijf, maar heropening van de zaak in 2012 leidde tot DNA-onderzoek en aanhoudingen in 2015. De officier van justitie vorderde vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor oogmerk diefstal en betrokkenheid bij geweld.
De verdediging voerde aan dat verklaringen onbetrouwbaar waren door tijdsverloop en mediabeïnvloeding, en dat geen causaal verband bestond tussen geweld en overlijden. De rechtbank vond onvoldoende bewijs dat verdachte goederen heeft weggenomen of betrokken was bij geweldshandelingen. Ook ontbrak de vereiste nauwe samenwerking voor medeplegen.
Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. De vorderingen van benadeelde partijen tot schadevergoeding werden niet-ontvankelijk verklaard, omdat vrijspraak is uitgesproken en deze vorderingen bij de burgerlijke rechter dienen te worden ingediend.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van betrokkenheid bij mishandeling en diefstal met geweld.