ECLI:NL:RBMNE:2015:9541
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Intrekking verklaring rijvaardigheid wegens vermoedelijke examenfraude
Verweerster heeft de verklaring van rijvaardigheid van eiseres ingetrokken op grond van een onderzoek waaruit bleek dat een examinator in samenwerking met meerdere rijscholen kandidaten tegen betaling onterecht liet slagen. De politie stelde indicatoren op om te bepalen bij welke kandidaten een redelijk vermoeden van onrechtmatigheid bestond. Eiseres voldeed aan vier van deze indicatoren, waaronder het afleggen van het examen bij de verdachte examinator en via een verdachte rijschool, en communicatie tussen examinator en rijschool op haar examendatum.
Eiseres voerde aan dat het onderzoek niet op haar persoonlijk was toegespitst en dat zij geen aanwijzingen had voor schuld. Ook stelde zij dat de keuze voor de rijschool op familieadvies was gebaseerd en dat het contact tussen rijschool en examinator niet ongebruikelijk was. De rechtbank oordeelde dat het bestuursorgaan voldoende aannemelijk had gemaakt dat de verklaring onrechtmatig was verkregen en dat de toelichtingen van eiseres onvoldoende waren om dit te weerleggen.
De rechtbank benadrukte dat het bestuursorgaan bevoegd is een besluit in te trekken indien aannemelijk is dat het ten onrechte is verleend, met het oog op verkeersveiligheid. De intrekking had een reparatoir karakter en vereiste geen absolute zekerheid. Het beroep van eiseres werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking van de verklaring van rijvaardigheid is ongegrond verklaard.