Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de meervoudige kamer van 17 december 2015 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., te [vestigingsplaats] , eiseres
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Utrecht, verweerder
Procesverloop
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.
Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.
[B] namens eiseres verschenen.
Overwegingen
Een bestuurlijke boete wordt in beginsel opgelegd bij overtredingen die naar hun aard niet te herstellen zijn. Het gaat dan in ieder geval om overtreding van de volgende kwaliteitseisen: (…) Het niet voldoen aan de eisen van beroepskracht-kind ratio, bij herhaalde constateringen vanaf 2013.”
9. De rechtbank overweegt dat er alleen van recidive kan worden gesproken wanneer is geconstateerd dat de betrokkene eerder - daadwerkelijk - een soortgelijke overtreding heeft begaan. Verweerder draagt hiervan de bewijslast. Voor de beantwoording van de vraag of hiervan sprake is geweest bij BSO locatie [locatie 2] neemt de rechtbank het volgende in aanmerking. Uit het inspectierapport van 29 oktober 2014 volgt dat de inspectie bij het onderzoek naar de beroepskracht-kindratio in de periode van 22 tot en met 24 september 2014 heeft geconstateerd dat er op 23 september 2014 twee beroepskrachten waren ingezet terwijl er op basis van het aantal aanwezige kinderen (21) drie benodigd waren. Daarnaast is het volgende gerapporteerd: “
Ten tijde van het bezoek is gevraagd of deze bevinding (dit aantal aanwezige kinderen met twee beroepskrachten) overeenkomstig de praktijk van deze dag was. Daar is bevestigend op geantwoord door de locatie verantwoordelijke. Na afloop van het bezoek zijn aanwezigheidslijsten ingestuurd welke andere informatie bevatten dan ten tijde van het inspectiebezoek gezien en gedocumenteerd is. Volgens de later ingestuurde documentatie zou er wel voldaan zijn aan de beroepskracht-kindratio. Het is nu onduidelijk hoeveel kinderen er daadwerkelijk op 23 september 2014 aanwezig zijn geweest.”
Op 15 oktober 2014 bent u in de gelegenheid gesteld uw zienswijze kenbaar te maken op het (…) rapport. Van deze gelegenheid heeft u op 29 oktober 2014 gebruik gemaakt. (…) Met betrekking tot de beroepskracht-kindratio geeft u aan dat er ten tijde van het inspectiebezoek twee kinderen naar hockey les waren en dat dat dit nog niet verwerkt was in de planningslijst. Daarnaast geeft u aan dat bij 21 kinderen altijd een vaste invalkracht werkt en wanneer er sprake is van langdurige verhoging van kindaantal er een vaste openstaande vacature beschikbaar gesteld wordt. (…) Naar aanleiding van uw zienswijze, merken wij het volgende op: Bovenstaande zal tijdens een nader onderzoek door een toezichthouder beoordeeld worden. U kunt hiervoor onderliggende documenten toesturen zoals (…) aanwezigheid-/planlijsten.”
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op binnen zes weken na deze uitspraak een nieuw besluit te nemen op het bezwaar met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 331,- aan eiseres te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiseres, tot een bedrag van € 980,-.
mr. H. Benek, leden, in aanwezigheid van mr. I. Ahmadali, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 17 december 2015.