ECLI:NL:RBMNE:2016:2238
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens niet-nakoming re-integratieverplichtingen
De werknemer trad in maart 2013 in dienst als algemeen schoonmaakster bij de werkgever. Zij werd in januari 2015 arbeidsongeschikt wegens zwangerschap en bleef na haar bevalling in mei 2015 ziek gemeld. De werkgever sommeerde de werknemer meerdere malen om mee te werken aan re-integratie, waaronder het bijwonen van gesprekken met de casemanager en de bedrijfsarts. De werknemer meldde zich echter af vanwege haar fysieke en psychische beperkingen en kon niet reizen.
De werkgever schortte de loondoorbetaling op wegens het niet nakomen van re-integratieverplichtingen en verzocht de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van verwijtbaar handelen van de werknemer. De werknemer voerde verweer en stelde dat zij niet kon voldoen aan de verplichtingen omdat deze niet redelijk waren gezien haar medische situatie.
De kantonrechter oordeelde dat de werknemer voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij arbeidsongeschikt was en niet kon reizen. De werkgever had onvoldoende gedaan om een huisbezoek te organiseren of medische informatie op te vragen. Hierdoor was er geen sprake van weigering zonder deugdelijke grond. Het ontslagverbod bleef van kracht en het verzoek tot ontbinding werd afgewezen. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen omdat de werknemer terecht de re-integratieverplichtingen niet kon nakomen.