De rechtbank Midden-Nederland heeft verdachte veroordeeld voor poging tot woninginbraak op 11 februari 2015 te Mijdrecht, samen met twee mededaders. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte medepleegde bij het openbreken van een woning met breekijzer en schroevendraaier, waarbij goederen werden weggenomen. Verdachte werd vrijgesproken van drie andere inbraken wegens onvoldoende bewijs.
De bewijsvoering bestond uit camerabeelden, werktuigsporenonderzoek en verklaringen van verbalisanten. De verdediging voerde onder meer aan dat de doorzoeking van een auto onrechtmatig was en dat verdachte niet op de beelden herkenbaar was, maar deze verweren werden door de rechtbank verworpen.
De rechtbank legde een werkstraf van 120 uur op, met een vervangende hechtenis van 60 dagen bij niet-nakoming, rekening houdend met de ernst van het feit, de persoon van verdachte en diens eerdere strafvrije verleden. De straf weerspiegelt de overlast en angst die woninginbraken veroorzaken in de buurt.