ECLI:NL:RBMNE:2016:381
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling oplichting en gijzeling bij Urker visgroothandel
In januari 2016 heeft de rechtbank Midden-Nederland uitspraak gedaan in een strafzaak rondom een oplichting en gijzeling bij een Urker visgroothandel. Twee mannen werden veroordeeld voor het onder valse naam afnemen van een lading vis, waarbij zij werkstraffen kregen opgelegd van 100 en 200 uur, deels voorwaardelijk. Een derde verdachte, die mogelijk betrokken was, was inmiddels overleden en de vervolging tegen hem werd niet ontvankelijk verklaard.
De eigenaar van de visgroothandel werd veroordeeld voor wederrechtelijke vrijheidsberoving (gijzeling) van een van de verdachten. Hij had de verdachte vastgehouden om betaling of teruggave van de vis te bewerkstelligen. Daarnaast werd hij veroordeeld voor het bezit van een ploertendoder en kreeg een geldboete van €10.000 opgelegd.
Een medewerker van de visgroothandel werd vrijgesproken omdat onvoldoende bewijs bestond dat hij deelnam aan de gijzeling. De rechtbank oordeelde dat er geen overtuigend bewijs was dat hij opzettelijk betrokken was bij de wederrechtelijke vrijheidsberoving.
De rechtbank stelde vast dat de dagvaarding geldig was, de officier van justitie ontvankelijk, en dat er geen reden was voor schorsing van de vervolging. De zaak werd behandeld door een meervoudige kamer in Lelystad en het vonnis werd op 27 januari 2016 uitgesproken.
Uitkomst: Twee mannen veroordeeld voor oplichting, eigenaar veroordeeld voor gijzeling en wapenbezit, medewerker vrijgesproken.