Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de schriftelijke vordering van de officier van justitie, die binnen de in artikel 511b van het Wetboek van Strafvordering genoemde termijn aanhangig is gemaakt;
- het strafdossier onder parketnummer 16/701423-14, waaruit blijkt dat verdachte bij vonnis van 8 november 2016 van deze rechtbank is veroordeeld ter zake van – kort gezegd – verduistering en valsheid in geschrift;
- het aan de straf- en ontnemingszaak ten grondslag liggende proces-verbaal, nr. PL0950-2013278649, pagina 1 tot en met 421;
- de overige stukken
2.De beoordeling
3.Toepasselijke wettelijke voorschriften
4.De beslissing
€ 37.106,75(zegge: zevenendertigduizend honderd zes euro en vijfenzeventig eurocent);