Art. 3a lid 5 OpiumwetArt. 3 ahf/ond B OpiumwetArt. 3 ahf/ond C OpiumwetArt. 11 lid 2 OpiumwetArt. 47 lid 1 Wetboek van Strafrecht
AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Vrijspraak verdachte wegens ontbreken wettig en overtuigend bewijs hennepplantage
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 21 december 2016 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van het telen en aanwezig hebben van een grote hoeveelheid hennepplanten in een woning en kas te Houten tussen april en juni 2014.
De officier van justitie vorderde vrijspraak omdat het bewijs onvoldoende was. Ook de verdediging betoogde dat het ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kon worden. De rechtbank concludeerde dat niet vast is komen te staan dat verdachte betrokken was bij de hennepplantage op het betreffende adres.
Gezien het ontbreken van wettig en overtuigend bewijs sprak de rechtbank verdachte vrij van zowel de primaire als subsidiaire tenlastelegging. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige strafkamer en uitgesproken in een openbare terechtzitting.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens ontbreken van wettig en overtuigend bewijs voor betrokkenheid bij hennepplantage.
Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Afdeling strafrecht
Zittingsplaats Utrecht
Parketnummer: 16/705045-14 (P)
Vonnis van de meervoudige strafkamer van 21 december 2016
in de strafzaak tegen
[verdachte]
geboren op [1966] te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] , thans uit andere hoofde gedetineerd in P.I. Arnhem, Huis van Bewaring Arnhem Zuid.
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de openbare terechtzitting van 7 december 2016.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering en het standpunt van de officier van justitie en van hetgeen verdachte en diens raadsvrouw mr. M.E.W.M. Rupert, advocaat te Assen naar voren hebben gebracht.
2.TENLASTELEGGING
De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte:
Primair: in de periode van 1 april 2014 tot en met 3 juni 2014 in Houten, al dan niet samen met anderen, een grote hoeveelheid hennepplanten in een woning en in een kas aanwezig heeft gehad.
Subsidiair: gelegenheid heeft verschaft aan medeverdachten [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of [medeverdachte 3] en/of [medeverdachte 4] om hennep te telen.
3.VOORVRAGEN
De dagvaarding is geldig, de rechtbank is bevoegd tot kennisneming van het ten laste gelegde, de officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging van verdachte en er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
4.1
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie acht niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het aan hem ten laste gelegde heeft begaan en vordert vrijspraak.
4.2
Het standpunt van de verdediging
De raadsvrouw stelt zich eveneens op het standpunt dat het aan verdachte ten laste gelegde niet wettig en overtuigend bewezen kan worden en dat vrijspraak dient te volgen.
4.3
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank is van oordeel dat, gelet op de inhoud van het dossier, niet vast is komen te staan dat verdachte enige betrokkenheid heeft gehad bij de aangetroffen hennepplantage op het adres [adres] in [woonplaats] . Nu het wettig en overtuigend bewijs ontbreekt, zal de rechtbank verdachte van het aan hem ten laste gelegde vrijspreken.
5.BESLISSING
De rechtbank:
Vrijspraak
- Spreektverdachte vrijvan het primair en subsidiair aan hem ten laste gelegde.
Dit vonnis is gewezen door mr. J. Ebbens, voorzitter, mrs. N.H.J.M. Veldman-Gielen en J.P.M. Schwillens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. L.P. Stapel, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 21 december 2016.
Mr. J.P.M. Schwillens is niet in de gelegenheid dit vonnis mede te ondertekenen.
BIJLAGE : De tenlastelegging
Primair
hij in of omstreeks de periode van 01 april 2014 tot en met 03 juni 2014 te
Houten, althans in het arrondissement Midden-Nederland, tezamen en in
vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk heeft geteeld