Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Het verdere procesverloop in conventie en in reconventie
- proces-verbaal van getuigenverhoor van 17 maart 2016
- conclusie na getuigenverhoor van [eiser]
- conclusie na getuigenverhoor van [gedaagde] .
Rechtbank Midden-Nederland
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of gedaagde €1.800,- van eiser had afgepakt onder bedreiging. Eiser stelde dat B, een medewerker, werd bedreigd en gedwongen het bedrag af te geven en onder dreiging het terrein van eiser werd afgejaagd. Gedaagde voerde aan dat B nogmaals €1.800,- wilde voor het werkend krijgen van een niet-functionerende hefbrug, maar na weigering vertrok B zonder incidenten.
De kantonrechter hechtte meer waarde aan het verhaal van eiser, ondersteund door een partijgetuige die onder ede verklaarde en wiens verklaring niet werd weersproken. Schriftelijke verklaringen van mensen aan de zijde van gedaagde, die het incident ontkenden, werden ongeloofwaardig bevonden vanwege hun gelijkenis en gebrek aan details. Ook de aangifte van B en het gedrag van gedaagde bij het politiebureau ondersteunden het verhaal van eiser.
Op grond van deze bewijsvoering oordeelde de kantonrechter dat het bewijs was geleverd dat gedaagde het bedrag van €1.800 had afgepakt. De vordering van eiser tot betaling van dit bedrag, vermeerderd met rente en redelijke buitengerechtelijke kosten, werd toegewezen. De tegenvorderingen van gedaagde werden afgewezen en gedaagde werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €2.096,82 met rente en proceskosten aan eiser wegens bewezen afpakken onder bedreiging.