Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.Verloop van de procedure
2.Vaststaande feiten
- [minderjarige 1], geboren op [2012] te [geboorteplaats] ;
- [minderjarige 2], geboren op [2016] te [geboorteplaats] .
16 januari 2017 afgewezen.
Rechtbank Midden-Nederland
De moeder verzocht de rechtbank om vervangende toestemming te verlenen voor haar vertrek met de minderjarige kinderen naar Guinee, haar land van herkomst, nadat haar verblijfsvergunning in Nederland was afgewezen en zij een inreisverbod van vijf jaar kreeg. De vader gaf geen toestemming vanwege het belang van het contact met de kinderen en de onveiligheid in Guinee.
De rechtbank overwoog dat bij gezamenlijke gezagsuitoefening toestemming van beide ouders nodig is voor verhuizing van minderjarige kinderen. De belangen van de kinderen en de omstandigheden van het geval moeten worden meegewogen. De rechtbank vond dat een verhuizing naar Guinee zou leiden tot verlies van contact met de vader, wat niet in het belang van de kinderen is.
Daarnaast is het verblijf in Guinee mogelijk onveilig voor de kinderen en de moeder, die daar als politieke vluchteling geregistreerd staat. Ook is een gedwongen verhuizing van de moeder op dit moment onvoldoende vastgesteld vanwege lopende juridische procedures. Daarom wees de rechtbank het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek van de moeder tot vervangende toestemming voor verhuizing met de kinderen naar Guinee wordt afgewezen.