ECLI:NL:RBMNE:2017:3023
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.C.J. Hamming
- V.M.A. Sinnige
- P.K. Oosterling-van der Maarel
- Rechtspraak.nl
Voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging onder voorwaarden na TBS-maatregel
Betrokkene is sinds 1994 ter beschikking gesteld met een bevel tot verpleging van overheidswege (TBS) en de maatregel is recentelijk verlengd tot maart 2018. De rechtbank onderzocht de mogelijkheid van een voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging op basis van rapporten van de reclassering en deskundigen.
De reclassering adviseerde voorwaardelijke beëindiging onder voorwaarden, waaronder verblijf in een kliniek voor maximaal drie tot zes maanden om praktische zaken zoals huisvesting en dagbesteding te regelen. De kliniek en reclassering zijn het eens over een begeleid resocialisatietraject. De officier van justitie verzette zich tegen beëindiging vanwege onvoldoende verloven en risico's.
De verdediging benadrukte dat verloven via het reguliere traject te lang duren en dat betrokkene zo snel mogelijk terug moet keren in de maatschappij. De rechtbank oordeelde dat betrokkene uitbehandeld is en dat niets een voorwaardelijke beëindiging in de weg staat, mits de praktische zaken worden geregeld.
De rechtbank besloot tot voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging onder strikte voorwaarden, waaronder toezicht door de reclassering, wekelijkse meldingen, openheid over relaties, en het niet verlaten van het Europese deel van het Koninkrijk zonder toestemming. Betrokkene mag maximaal zes maanden in de kliniek verblijven alvorens definitieve huisvesting te regelen.
Deze beslissing biedt betrokkene de mogelijkheid om onder begeleiding en toezicht zijn leven buiten de kliniek vorm te geven, met als doel een succesvolle resocialisatie en het voorkomen van recidive.
Uitkomst: De rechtbank besluit tot voorwaardelijke beëindiging van de dwangverpleging onder strikte voorwaarden en toezicht door de reclassering.