Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
handelend onder de handelsnaam Zilveren Kruis,
1.De procedure
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
Rechtbank Midden-Nederland
Eiseres vordert dat Achmea wordt veroordeeld tot toekenning van een persoonsgebonden budget (pgb) vanaf 15 juli 2015, nadat haar aanvraag door Zilveren Kruis was afgewezen. Achmea voert aan dat eiseres niet-ontvankelijk is omdat zij de verkeerde partij heeft gedagvaard; de juiste partij zou Zilveren Kruis moeten zijn, de zorgverzekeraar waarmee eiseres de verzekeringsovereenkomst heeft gesloten.
De rechtbank constateert dat de dagvaarding aan Achmea is betekend, maar dat Achmea en Zilveren Kruis binnen het Achmea-concern samenwerken en dat Zilveren Kruis zich ook op de dagvaarding heeft beroepen en verweer heeft gevoerd. Hierdoor is Zilveren Kruis feitelijk mede-gedaagde geworden. De onduidelijkheid over de rechtspersoon komt voor rekening van het Achmea-concern.
De rechtbank wijst het niet-ontvankelijkheidsverweer af en besluit de zaak te verwijzen naar de rol van 20 december 2017 voor verdere akte-uitlating. Zij houdt iedere verdere beslissing aan om verrassingsbeslissingen te voorkomen en geeft partijen de mogelijkheid afspraken te maken over de voortzetting tegen Achmea.
Deze tussenuitspraak betreft een procedurele beslissing over de ontvankelijkheid en de juiste procespartij in een civiele procedure over de toekenning van een pgb.
Uitkomst: De rechtbank wijst het niet-ontvankelijkheidsverweer af en wijst Zilveren Kruis toe als mede-gedaagde; verdere beslissing wordt aangehouden.