Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- de dagvaarding met de daarbij gevoegde producties (27),
- de met de brief van 6 april 2016 door de Bank overgelegde producties (22),
- de mondelinge behandeling op 11 april 2017, waarvan aantekening is gehouden,
- de pleitnota van de Bank,
- de aanhouding ten behoeve van nader overleg tussen partijen,
- de brieven van [eiser] van 14 april en 18 april 2017 waaruit blijkt dat partijen niet tot een oplossing zijn gekomen.
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
816,00