ECLI:NL:RBMNE:2017:6939
Rechtbank Midden-Nederland
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over subsidiëring en verantwoording personeelskosten project Netwerk voor herstel
De zaak betreft een geschil over de subsidievaststelling van het project “Netwerk voor herstel 2012-2014” waarbij eiseres een subsidie ontving van in totaal € 1.375.311,-. Verweerder stelde bij subsidievaststelling een bedrag van € 404.115,40 aan personeelskosten aan als onzekere post en paste daarop een korting van 20% toe. Eiseres betwistte dit en stelde dat zij de personeelskosten, op een klein bedrag na, voldoende had verantwoord en dat de eis tot onderscheid in urenregistratie tussen werkzaamheden voor het project en voor de Minister van Justitie en Veiligheid onterecht was.
De rechtbank stelde vast dat verweerder niet twijfelt aan de inzet van medewerkers voor het project, behalve voor een bedrag van € 76.977,-. De rechtbank vond de door eiseres overgelegde personele inzet en toelichtingen voldoende aannemelijk maken dat de werkzaamheden zijn verricht. De eis tot onderscheid in urenregistratie werd door de rechtbank onterecht geacht, omdat dit niet was vereist bij subsidieverlening en praktisch niet mogelijk was.
Verder oordeelde de rechtbank dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom een korting van 20% werd toegepast op de onzekere post. De enkele verwijzing naar een interne gedragslijn en een eerdere uitspraak was onvoldoende en de motivering was tegenstrijdig. De rechtbank gaf verweerder de gelegenheid het gebrek in de motivering te herstellen binnen zes weken.
De rechtbank deed een tussenuitspraak en hield verdere beslissingen aan tot de einduitspraak. Tegen deze tussenuitspraak is nog geen hoger beroep mogelijk, maar kan wel worden ingesteld samen met het hoger beroep tegen de einduitspraak.
Uitkomst: De rechtbank wijst de motivering van de korting af en geeft de minister zes weken de gelegenheid deze te herstellen.