ECLI:NL:RBMNE:2018:1531
Rechtbank Midden-Nederland
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van griffierecht bij procedure namens onder bewind gestelde natuurlijke persoon
De zaak betreft een verzoekschrift ingediend door een besloten vennootschap (B.V.) die optreedt als bewindvoerder namens een onder bewind gestelde natuurlijke persoon. De B.V. betwist het door de griffier geheven griffierecht, omdat zij van mening is dat ten onrechte het tarief voor een niet-natuurlijke persoon is toegepast.
De rechtbank constateert dat het griffierecht van € 952,00 reeds is betaald en dat het verzoekschrift binnen de wettelijke termijn is ingediend. Gezien het feit dat de vordering namens de natuurlijke persoon is ingediend en het griffierecht aan deze persoon zal worden doorbelast, oordeelt de rechtbank dat het griffierecht voor natuurlijke personen van toepassing is.
Omdat tevens een toevoeging voor onvermogenden is overgelegd, wordt het griffierecht vastgesteld op € 79,00. De rechtbank verklaart het verzet gegrond en draagt de griffier op om het teveel betaalde bedrag van € 873,00 aan verzoekster te retourneren.
Uitkomst: Het verzet tegen het geheven griffierecht wordt gegrond verklaard en het teveel betaalde bedrag wordt gerestitueerd.