Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
mede)
hebben bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam;
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
Wonen ze nog in dat huis?Ja.
Hoe is dat gegaan?Ik ging altijd met mijn neefjes [B] en [C] spelen. We speelden de Lion King. [verdachte] was toen alleen thuis, samen met de kinderen dan. Ik was beneden en probeerde hij met zijn hand onder mijn shirt te komen, via de hals en via de buik.
Waar ging die hand naar toe?Naar mijn borsten, hij wilde mijn tepels betasten en dat is hem ook deels gelukt. Ik hield mijn handen voor mijn bosten, maar ja hij is sterker. (…) Ik had mijn handen tegen mijn borsten aan. Om mijn tepels te beschermen en ik zei: “Nee.” en ik schudde “Nee.”.
Heeft hij je tepels ook betast?Ja, maar ik duwde steeds zijn handen weg, maar hij kwam wel steeds terug met zijn handen naar mijn tepels, onder mijn t-shirt. Hij probeerde het meerdere keren.” [3]
“Ik weet nog welk t-shirt ik aan had. Die hebben we opgezocht in een fotoalbum. Mijn vader ging al naar Duitsland, ik ging naar de basisschool en ik weet dat ik dat t-shirt aan had in die zomer. Het was een geel met groenig gestreept t-shirt. Qua temperatuur kan ik me herinneren, herfstig. We waren al op vakantie geweest. Mijn vader was in Duitsland en de scholen waren weer begonnen.” Zoals reeds is vastgesteld, had [slachtoffer 2] in de herfst van 1999 de leeftijd van 10 dan wel net 11 jaar. Gelet op de uitgebreide en zeer gedetailleerde beschrijving met betrekking tot de periode waarop het incident zich heeft afgespeeld, acht de rechtbank deze verklaring betrouwbaar. Daarnaast blijkt niet dat [slachtoffer 2] met haar verklaring bij de rechter-commissaris, inhoudende: “U vraagt mij hoe oud ik was bij het incident dat ik hier heb genoemd in de woning van mijn oom. Ik denk 7 of 8 jaar”, doelt op het ten laste gelegde incident van het betasten van de borsten. Zij heeft bij de rechter-commissaris immers over meerdere incidenten verklaard en uit de verklaring blijkt niet op welk incident het hiervoor aangehaalde citaat betrekking heeft.
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN HET FEIT
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
10.BENADEELDE PARTIJ
11.BESLISSING
gevangenisstraf van 3 maanden;
proeftijd van 2 (twee) jarenvast;
- verklaart [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- compenseert de proceskosten van de benadeelde partij en verdachte, in die zin dat ieder haar eigen kosten draagt;
- wijst de vordering van [slachtoffer 2] toe tot een bedrag van € 1.185,43;
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 18 augustus 2016 tot de dag van volledige betaling;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;