Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
thans gedetineerd in de PI Almere te Almere.
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
(verdachte maakt een voorwaartse beweging). Dat deed ik om te laten zien dat het menens was. Hij moest geld geven.
[slachtoffer]) aanlopen met een steekwond in de borst van 2 dagen oud. Snijwond 3 cm fors wijkend links naast sternum, ter hoogte van de onderste rib, waarschijnlijk 1 cm diep, tegen de rib aan. Onderste rib links drukpijnlijk onder snijwond. Wondrand wat dik en rood. [8]
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
medeplegen van opzettelijk iemand wederrechtelijk van de vrijheid beroven en beroofd houden
afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen
diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel
poging doodslag
diefstal waarbij de schuldige het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van een valse sleutel
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
9.BESLAG
10.BENADEELDE PARTIJ
11.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
12.BESLISSING
gevangenisstraf van 5 (vijf) jaren;
- wijst de vordering van [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 8.479,-;
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer] van een bedrag van
- veroordeelt verdachte tot betaling aan [slachtoffer] van een bedrag van € 2.000,- , vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 4 december 2017 tot de dag van volledige betaling;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat € 6.479,- te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 december 2017 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 67 dagen hechtenis;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of zijn mededader op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van [slachtoffer] aan de Staat