Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
60,00(2 punten x tarief € 30,00)
Rechtbank Midden-Nederland
De eiseres vordert betaling van €169,85 bestaande uit twee facturen voor standplaatsen op markten, rente en incassokosten. De gedaagde stelt dat de reserveringen geannuleerd zijn via een brief, maar kan niet bewijzen dat de eiseres deze heeft ontvangen, zoals vereist volgens artikel 3:37 lid 3 BW Pro.
De kantonrechter oordeelt dat de gedaagde onvoldoende bewijs levert voor ontvangst van de annulering, waardoor de facturen betaald moeten worden. De rente wordt toegewezen vanaf de uiterlijke betaaldatum volgens de algemene voorwaarden, niet vanaf de datum van de dagvaarding.
De incassokosten van €40 worden toegekend als minimumvergoeding bij een handelsovereenkomst na 16 maart 2013, conform artikel 6:96 lid 4 BW Pro. De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, rente, incassokosten en proceskosten. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van de hoofdsom, wettelijke handelsrente en buitengerechtelijke incassokosten.