Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
600,00
Rechtbank Midden-Nederland
De werknemer is sinds 2006 in dienst bij de werkgever en werkte op de helpdesk in een functie die door technologische ontwikkelingen zou zijn gewijzigd van 2D tekenen naar 3D modelleren. De werkgever heeft een ontslagvergunning aangevraagd wegens bedrijfseconomische redenen, maar deze werd geweigerd door het UWV. Desondanks heeft de werkgever de werknemer niet toegelaten tot zijn oude werkplek en hem ander werk aangeboden, waarbij loon werd opgeschort bij weigering.
De werknemer vordert betaling van achterstallig loon, loon specificaties en toelating tot zijn oude werkplek. De werkgever stelt dat de oude functie is vervallen en een nieuwe functie is ontstaan waarvoor de werknemer niet geschikt zou zijn. De kantonrechter oordeelt dat de werkgever onvoldoende heeft onderbouwd dat de oude en nieuwe functie niet uitwisselbaar zijn, mede omdat geen functiewaardering of objectieve vergelijking is gemaakt.
Verder is onvoldoende aangetoond dat de werknemer niet geschikt is voor de nieuwe functie. De kantonrechter stelt dat de werkgever als goed werkgever de werknemer had moeten begeleiden in de transitie en dat de loonopschorting onrechtmatig was. De vorderingen tot betaling van loon, loon specificaties en toelating tot werk worden toegewezen, met dwangsommen en wettelijke rente. Het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, loon specificaties en toelating werknemer tot zijn oude werkplek met dwangsommen en wettelijke rente.