In deze civiele zaak staat centraal of [partij X] verplicht was de instructies van Berenschot op te volgen om werkzaamheden aan het bouwproject Hospital Nobo Otrobanda op Curaçao op te schorten. Berenschot had een overeenkomst van opdracht met [partij X] gesloten in het kader van een managementovereenkomst met Stichting SONA, opdrachtgever namens het Land Curaçao.
Berenschot vordert dat [partij X] haar instructies opvolgt en stelt dat [partij X] tekort is geschoten door door te werken en vertrouwelijke informatie te delen, wat onrechtmatig handelen oplevert. [partij X] en SONA betwisten dit en stellen dat de managementovereenkomst was beëindigd en dat zij rechtstreeks onder SONA vielen, waardoor de instructies van Berenschot niet meer bindend waren.
De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst tussen Berenschot en [partij X] ongewijzigd van kracht bleef ondanks het conflict tussen Berenschot en SONA. [partij X] was verplicht de instructies van Berenschot op te volgen en is toerekenbaar tekortgeschoten door dit niet te doen. De vorderingen tegen de individuele werknemers [partij Y] en [partij Z] worden afgewezen wegens gebrek aan persoonlijke aansprakelijkheid.
De rechtbank wijst de vorderingen tot nakoming van de instructies af wegens gebrek aan belang, maar verklaart [partij X] aansprakelijk voor de door Berenschot geleden schade, die nader bij staat zal worden vastgesteld. In reconventie wordt Berenschot veroordeeld tot betaling van openstaande facturen aan [partij X]. De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd.