ECLI:NL:RBMNE:2018:5226

Rechtbank Midden-Nederland

Datum uitspraak
4 oktober 2018
Publicatiedatum
29 oktober 2018
Zaaknummer
7043108 UM VERZ 18-3758
Instantie
Rechtbank Midden-Nederland
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Proces-verbaal
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 61A RVV
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Boete voor vasthouden mobiele telefoon tijdens rijden met Tesla autopilot

Betrokkene werd beboet voor het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden op 18 december 2017 in Zeist, terwijl hij reed in een Tesla Model S met autopilot-functie. Betrokkene voerde aan dat door de autopilot-functie hij niet meer als bestuurder moest worden gezien, maar als passagier, omdat de auto zelfrijdend zou zijn.

De kantonrechter oordeelde echter dat, ondanks de autopilot-functie, er altijd een bestuurder noodzakelijk is die bepaalt waar de auto heen gaat, kan ingrijpen bij noodsituaties en verantwoordelijk is voor het voertuig. Daarom blijft betrokkene als bestuurder aan te merken en is het vasthouden van een mobiele telefoon tijdens het rijden verboden volgens artikel 61A RVV.

Het beroep van betrokkene werd ongegrond verklaard en de opgelegde administratieve sanctie van €230,- werd gehandhaafd. De kantonrechter vond geen grond om de beslissing van de officier van justitie onrechtmatig te achten. Betrokkene werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden binnen zes weken na toezending van de beslissing.

Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de boete van €230,- wordt gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND

Strafrecht
zittingsplaats Utrecht
zaaknummer: 7043108 UM VERZ 18-3758
CJIB-nummer: [CJIB-nummer]

beslissing van de kantonrechter van 4 oktober 2018

inzake

[betrokkene] , te [woonplaats] , [adres] ,

hierna te noemen: betrokkene,
gemachtigde: M. Lagas van Appjection B.V.

Procesverloop

Bij inleidende beschikking is betrokkene een administratieve sanctie opgelegd.
De officier van justitie heeft op het door betrokkene ingestelde administratief beroep een beslissing genomen.
Tegen deze beslissing heeft betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De kantonrechter heeft partijen in de gelegenheid gesteld om op de zitting van 20 september 2018 hun zienswijze nader toe te lichten. Gemachtigde van betrokkene is verschenen. Namens de officier van justitie is een zittingsvertegenwoordiger verschenen, werkzaam bij de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie (CVOM).
De kantonrechter heeft het onderzoek ter zitting gesloten en heden uitspraak gedaan.

Beoordeling

Bij beslissing op het administratief beroep heeft de officier van justitie de aan betrokkene opgelegde administratieve sanctie gehandhaafd en het beroep ongegrond verklaard.
Aan betrokkene is een sanctie opgelegd van € 230,00. Het gaat om een gedraging, verricht op 18 december 2017 om 15:23 uur te Zeist (Krakelingweg) met de personenauto, kenteken [kenteken] : als bestuurder tijdens het rijden een mobiele telefoon vasthouden.
Betrokkene voert – kort weergegeven – de volgende gronden aan. Betrokkene rijdt in een Tesla Model S. Deze bevat een functionaliteit genaamd autopilot. Dit betekent dat acht omgevingscamera’s een 360-graden zicht rond de auto bieden met een bereik tot 250 meter. Twaalf bijgewerkte ultrasone sensoren vullen dit beeld aan. Een radarsysteem aan de voorzijde biedt extra informatie over de omgeving via een eigen golflengte, ongehinderd door hevige regenval, stof en zelfs de auto voor je. De autopilot functionaliteit betekent in dit geval volledig zelfrijdende besturing. Kort gezegd komt het erop neer dat je in een Tesla Model S met autopilot aan niet meer actief hoeft te rijden. Je bent zodoende van een bestuurder verworden tot een passagier.
Ter zitting verklaart gemachtigde van betrokkene dat het er om gaat of betrokkene gezien wordt als bestuurder of als passagier. Op basis van de wet is het niet mogelijk en daarom is betrokkene in beroep gegaan. De pilot stond aan en dit heeft betrokkene ook aan de verbalisant verklaard.
De officier van justitie heeft ter zitting het standpunt ingenomen dat het beroep bij de kantonrechter ongegrond is.
De kantonrechter komt tot het volgende oordeel:
Betrokkene stelt dat hij de telefoon heeft vastgehouden, maar betwist dat hij moet worden aangemerkt als bestuurder. De kantonrechter volgt betrokkene niet. Zelfs indien de auto in de autopilot rijdt is er een bestuurder noodzakelijk, een persoon die bepaalt waar de auto heen gaat, iemand die kan ingrijpen bij noodsituaties, iemand die verantwoordelijk is voor wat de auto doet. Dit is bij betrokkene ook genoegzaam bekend. Dat betekent dat betrokkene nog steeds moet worden aangemerkt als bestuurder. Op grond van artikel 61A RVV mag een bestuurder tijdens het rijden geen mobiele telefoon in zijn hand houden. Hieruit volgt dat het beroep van betrokkene ongegrond wordt verklaard.
In wat betrokkene verder nog heeft aangevoerd, ziet de kantonrechter geen grond voor het oordeel dat de bestreden beslissing van de officier van justitie onrechtmatig is.
Gelet op het voorgaande beslist de kantonrechter als volgt.

Beslissing

De kantonrechter:
- verklaart het beroep ongegrond.
Deze beslissing is genomen door mr. J.W. Veenendaal, kantonrechter, en uitgesproken op de openbare zitting van 4 oktober 2018, in tegenwoordigheid van de griffier.
de griffier, de kantonrechter,
N.M.E.N. Schreuder mr. J.W. Veenendaal
Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na de hieronder vermelde datum van toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het
gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als:
a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 70,00 bedraagt, of
b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Midden-Nederland, Afdeling Strafrecht, locatie Utrecht, o.v.v. Mulderzaken, postbus 16005, 3500 DA Utrecht.
Let u erop dat u of uw gemachtigde het beroepschrift heeft ondertekend.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in uw beroepschrift uitdrukkelijk om een zitting vraagt waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum toezending proces-verbaal: