In deze civiele procedure vordert eiser, directeur van een kassasysteembedrijf, diverse verklaringen voor recht en doorbetaling van zijn arbeidsongeschiktheidsuitkering tegen Movir. Movir voert aan dat de verzekering bij Nationale-Nederlanden is gesloten en zij slechts als tussenpersoon optreedt, waardoor eiser de verkeerde partij heeft gedagvaard. De rechtbank behandelt dit als een incident en oordeelt dat eiser geen vordering heeft tegen Movir.
Eiser heeft niet onderbouwd dat zijn arbeidsongeschiktheidsverzekering bij Movir loopt en kan daarom niet aan Movir zijn vordering richten. De rechtbank wijst de vordering tegen Movir af en weigert eiser toestemming om Movir alsnog te betrekken bij de procedure om Nationale-Nederlanden op te roepen. Eiser kan dit in een aparte procedure doen.
De rechtbank veroordeelt eiser in de proceskosten aan de zijde van Movir, begroot op €2.493,00 plus eventuele nakosten. De kostenveroordeling is uitvoerbaar bij voorraad. Deze beslissing voorkomt onnodige vertraging en houdt de procedure efficiënt.