ECLI:NL:RBMNE:2018:6250
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak medeplegen en medeplichtigheid poging woninginbraak wegens ontbreken begin uitvoering
De rechtbank Midden-Nederland behandelde op 18 december 2018 de zaak tegen verdachte die werd verdacht van medeplegen en medeplichtigheid aan een poging tot woninginbraak op 10 augustus 2018. De tenlastelegging was primair medeplegen en subsidiair medeplichtigheid aan poging woninginbraak in een woning te Gooise Meren.
De officier van justitie vorderde vrijspraak voor medeplegen wegens gebrek aan bewijs van nauwe samenwerking, maar achtte medeplichtigheid wettig bewezen. De verdediging betoogde dat niet kon worden vastgesteld dat verdachte betrokken was bij een begin van uitvoering van de poging inbraak, noch dat hij opzettelijk behulpzaam was.
De rechtbank oordeelde dat niet kon worden vastgesteld wanneer het raam van de woning was ingegooid en of dit samenhing met het voorbijrijden van een auto die op naam van verdachte stond. Ook was niet vastgesteld dat de medeverdachten daadwerkelijk bij de woning of het raam waren geweest. Hierdoor ontbrak een begin van uitvoering van de poging woninginbraak, waardoor verdachte niet als medepleger of medeplichtige kon worden aangemerkt. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Daarnaast wees de rechtbank de vorderingen tot tenuitvoerlegging van overtreding van algemene en bijzondere voorwaarden af, omdat geen overtreding was vastgesteld. Het vonnis werd gewezen door de meervoudige kamer onder voorzitterschap van D.S. Terporten-Hop.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van medeplegen en medeplichtigheid aan poging woninginbraak wegens ontbreken begin uitvoering.