[betrokkene] heeft verschillende interventies gevolgd en stelt zich dan actief en meewerkend op. Hij is gegroeid in zijn ontwikkeling, is open over wat er gebeurd is en is in staat zijn eigen aandeel in zaken te herkennen. Het is hem gelukt zich binnen de inrichting staande te houden, terwijl hij te maken heeft met groepsgenoten die vaak ouder zijn dan hij.
Er hebben zich meerdere keren incidenten voorgedaan, waaronder een aantal geweldsincidenten met het personeel en groepsgenoten. [betrokkene] blowt met enige regelmaat, heeft meerdere urinecontroles geweigerd en is 24 keer positief getest.
Na een jaar in de maatregel heeft [betrokkene] zich in februari 2018 onttrokken. Daarna herpakte hij zich goed, bouwde zijn verlof op en verkreeg meer vrijheden. Toch kon niet voorkomen worden dat hij zich in september 2018 opnieuw onttrok. [betrokkene] werd opgepakt en zijn verlof werd ingetrokken. [betrokkene] zal opnieuw moeten bewijzen dat hij betrouwbaar is en zich wil inzetten voor de afspraken met de inrichting.
Belangrijk is te beseffen dat [betrokkene] naast het PIJ-traject ook de puberteit doorloopt. Er is begrip voor zijn wens om buiten te kunnen zijn zoals elke andere jongen van zijn leeftijd. [betrokkene] zal echter moeten beseffen dat hij daarvoor eerst het PIJ-traject hoort af te ronden.
Doordat [betrokkene] nog leerbaar is, is er ook hoop: het patroon van het plegen van veel en diverse delicten lijkt doorbroken. Wel blijven er zorgen over zijn netwerk, middelengebruik en cognities (over zijn leefstijl, zichzelf en anderen).
Het is van belang dat [betrokkene] verder wordt begeleid bij het opbouwen en uitbreiden van zijn vrijheden en verantwoordelijkheden in een tempo waarin hij niet overvraagd wordt. Daarnaast zullen alle situaties en ervaringen met hem worden besproken, zodat hij meer inzicht krijgt in zijn keuzes en gedrag. Er is sprake van een verhoogd onttrekkingsrisico, dat deels kan worden verklaard vanuit de impulsiviteit van [betrokkene] , maar waar ook grenzen zoeken een rol speelt. Wat betreft het recidiverisico is er sprake van een matig risico. [betrokkene] beweegt zich soms op de grens van het toelaatbare en heeft hier nog sturing en controle op nodig.
De voortzetting van de behandeling binnen het kader van de PIJ zal starten met (on)begeleid verlof. Als dat goed gaat zal worden overgegaan op meerdaags verlof en daarna het vormgeven en inzetten van het Scholings- en Trainings Programma (STP). Elke volgende stap kan alleen gezet worden als de vorige fase goed is doorlopen.
Gelet op de aard en de omvang van het recidiverisico is het noodzakelijk dat, in het belang van een zo gunstig mogelijke verdere ontwikkeling, [betrokkene] de komende tijd verder gaat werken aan de genoemde behandeldoelen. Om deze doelen te behalen heeft [betrokkene] zeker nog vijftien maanden nodig.