Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
(primair)poging tot verkrachting van [slachtoffer] op 20 december 2014 te [adres] dan wel
(subsidiair)aanranding van die [slachtoffer] op 20 december 2014 te Zeewolde met zwaar lichamelijk letsel als gevolg, te weten een gebroken (linker)bovenarm/schouder.
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
- op 20 december 2016 door de politierechter Utrecht is veroordeeld tot een geldboete van € 350,00 subsidiair 7 dagen hechtenis en een voorwaardelijke ontzegging van de bevoegdheid motorrijtuigen te besturen voor de duur van 4 maanden;
- op 1 juni 2015 door de politierechter Utrecht is veroordeeld tot een werkstraf voor de duur van 20 uren subsidiair 10 dagen hechtenis;
- op 6 september 2015 een geldboete van € 450,00 (een strafbeschikking) opgelegd heeft gekregen.
9.BENADEELDE PARTIJ
- tuin ad € 645,77;
- vervoerskosten voor zover dat betreft de post ‘Bezoeken ouders 6x 220 km’ ad
- kosten die zien op ‘hoger beroep’ ad € 130,00;
- ‘Presentjes mensen die me geholpen hebben’ ad € 250,00;
- ‘Extra verlichting rondom huis laten aanleggen’ ad € 709,00;
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
11.BESLISSING
gevangenisstraf van 18 maanden;
- wijst de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] toe tot een bedrag van € 13.724,72 (bestaande uit € 10.000,00 immateriële schade en € 3.724,72 materiële) schade;
- veroordeelt verdachte tot betaling van het toegewezen bedrag aan de benadeelde partij [slachtoffer] , vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 december 2014 tot de dag van volledige betaling;
- wijst de vordering van [slachtoffer] voor wat betreft het meer gevorderde af;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de verplichting op ten behoeve van de benadeelde partij [slachtoffer] aan de Staat € 13.724,72 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 december 2014 tot de dag van volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 103 dagen hechtenis;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed.