ECLI:NL:RBMNE:2019:1123
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen last onder dwangsom voor verwijderen schuilstal en hooiruif op woonbestemming
Eiseres exploiteert een paardenhouderij op een perceel met een woon- en agrarische bestemming. Verweerder stelde vast dat een schuilstal en hooiruif zonder vergunning op het woonbestemde deel stonden en legde een last onder dwangsom op om deze te verwijderen.
Eiseres voerde onder meer aan dat de bouwwerken vergunningvrij zouden zijn, dat er sprake was van concreet zicht op legalisatie, en dat handhaving disproportioneel was vanwege de noodzaak voor dierenwelzijn. Tevens beriep zij zich op de Dienstenrichtlijn en het vertrouwens- en gelijkheidsbeginsel.
De rechtbank oordeelde dat de bouwwerken als vergunningplichtige bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan aanwezig waren, dat de Dienstenrichtlijn niet van toepassing was op ruimtelijke voorschriften, en dat geen concreet zicht op legalisatie bestond omdat verweerder niet bereid was vergunning te verlenen. Ook waren de bijzondere omstandigheden onvoldoende om af te zien van handhaving. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom voor het verwijderen van de schuilstal en hooiruif op het woonbestemde perceel is ongegrond verklaard.