Uitspraak
ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
SSING
Rechtbank Midden-Nederland
In de nacht van 21 op 22 oktober 2018 plaatsten vier verdachten een met tape dichtgeplakte kartonnen doos voor de hoofdingang van het provinciehuis Flevoland in Lelystad, vergezeld van spandoeken met protestteksten tegen het faunabeleid van de provincie. De doos werd als verdacht aangemerkt, waarna de Explosieven Opruimingsdienst werd ingeschakeld en het provinciehuis, evenals het nabijgelegen trein- en busstation, enkele uren werden afgesloten. Uiteindelijk bleek de doos geen explosief te bevatten, maar een knuffelbeertje met rode vloeistof, een plastic zeis en een dildo met de naam van een gedeputeerde erop.
De rechtbank oordeelde dat de poging tot dwang jegens gedeputeerden niet bewezen kon worden, omdat de spandoeken en doos niet voldoende dwingend waren en er geen bewijs was dat de gedeputeerden zich gedwongen voelden. Wel werd bewezen verklaard dat de verdachten het provinciehuis onbruikbaar hadden gemaakt door het plaatsen van het verdachte pakket, wat veiligheidsmaatregelen en afsluitingen veroorzaakte. De rechtbank kwalificeerde dit als het opzettelijk en wederrechtelijk onbruikbaar maken van een gebouw.
De vier verdachten werden veroordeeld tot een taakstraf van 40 uur met een voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken en een proeftijd van twee jaar, mede om een norm te stellen en herhaling te voorkomen. Een vijfde verdachte werd vrijgesproken van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Vier verdachten veroordeeld tot taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf voor het onbruikbaar maken van het provinciehuis, één verdachte vrijgesproken van poging tot dwang.