ECLI:NL:RBMNE:2019:2033
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- S.C. Hagedoorn
- N.E.M. Kranenbroek
- N.M. Spelt
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen kantonrechter wegens gebrek aan inhoudelijke gronden
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de kantonrechter die de zaak met nummer 7299321 MC EXPL 18-9072 behandelde. Het verzoek werd op 23 april 2019 openbaar behandeld door de meervoudige wrakingskamer van de Rechtbank Midden-Nederland.
Tijdens de mondelinge behandeling was verzoeker afwezig, evenals de gewraakte kantonrechter. Vertegenwoordigers van een derde-belanghebbende waren wel aanwezig. De kantonrechter verweerde zich schriftelijk en stelde dat er geen inhoudelijke gronden waren om aan zijn onpartijdigheid te twijfelen.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek niet voldeed aan de vereisten van artikel 36 Rv Pro, omdat er geen feiten of omstandigheden waren gesteld die een schijn van vooringenomenheid konden doen ontstaan. Ook was geen reden om het verzoek naar een externe kamer te verwijzen. Het verzoek werd daarom ongegrond verklaard en de procedure werd voortgezet zoals die was opgeschort.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de kantonrechter is ongegrond verklaard en de procedure wordt voortgezet.