Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
Samen Veilig Midden-Nederland,
1.Verloop van de procedure
2.Vaststaande feiten
3.Beoordeling van het verzochte
4.De beslissing
[naam minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2017 te [geboorteplaats] ;
Rechtbank Midden-Nederland
De gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland heeft een verzoek ingediend tot benoeming tot voogd van een minderjarige geboren in 2017, omdat de moeder, die het ouderlijk gezag heeft, niet bereikbaar is en niet in staat is het gezag uit te oefenen. De moeder is uit het zicht van de hulpverlening verdwenen, heeft geen postadres en lijkt op straat te leven. De minderjarige staat onder toezicht van de GI en woont in een pleeggezin met een machtiging tot uithuisplaatsing.
De Raad voor de Kinderbescherming is betrokken en heeft aangegeven dat het verzoek ongebruikelijk is; normaal gesproken wordt eerst een verzoek tot gezagsbeëindiging ingediend. De rechtbank oordeelt echter dat gezien de situatie van de moeder en het ontbreken van contact, sprake is van een situatie zoals bedoeld in artikel 1:253q en r BW, die het mogelijk maakt een voogd te benoemen.
De GI heeft verklaard bereid te zijn de voogdij te aanvaarden. De rechtbank benoemt daarom de GI tot voogd van de minderjarige en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad. De beschikking is op 5 juni 2019 in het openbaar uitgesproken door rechter mr. E.A.A. van Kalveen.
Uitkomst: De gecertificeerde instelling Samen Veilig Midden-Nederland is benoemd tot voogd van de minderjarige wegens onmogelijkheid van de moeder het gezag uit te oefenen.