Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
- het vonnis van 30 januari 2019 waarbij de zaak door de kantonrechter is verwezen naar de handelskamer van de rechtbank
- het proces-verbaal van de zitting van 3 juni 2019.
2.Het geschil en de beoordeling
€ 3.649,88, waarvan € 103,88 aan dagvaardingskosten, € 1.992,00 aan griffierecht, € 480,00 aan salaris gemachtigde bij de kantonrechter (1 punt x tarief € 480,00) en € 1.074,00 aan salaris advocaat bij de handelsrechter (1 punt x tarief € 1.074,00). De kosten die Rabobank heeft gemaakt voor de akte eiswijziging komen voor rekening van Rabobank. Zij heeft immers ten onrechte de zaak bij de kantonrechter aangebracht. Als zij dat niet had gedaan, had zij deze kosten niet hoeven maken.