ECLI:NL:RBMNE:2019:3353
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing persoonsgebonden budget wegens onvoldoende inzicht in besteding en onvoldoende waarborg curator
Eiseres verblijft in een woonvoorziening waar zorg gezamenlijk wordt ingekocht met pgb-gelden. Zij vroeg met terugwerkende kracht een pgb aan, maar het zorgkantoor wees dit af omdat de besteding van het pgb niet voldoende inzichtelijk was gemaakt. De financiële administratie van de zorgverlener was niet sluitend en de curator, als vertegenwoordiger van eiseres, kon niet aantonen dat zij de pgb-verplichtingen adequaat naleefde.
De rechtbank oordeelde dat de maandelijkse verantwoording onvoldoende duidelijkheid gaf over de geleverde zorg en de verhouding tussen individuele en gezamenlijke zorg. Ook was niet inzichtelijk of de pgb-gelden doelmatig werden besteed. Hoewel de curator een hogere vertegenwoordiger is dan een gewaarborgde hulp, bood zij onvoldoende waarborg dat de pgb-verplichtingen zouden worden nagekomen.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat eiseres onvoldoende concreet had onderbouwd dat zij in gelijke gevallen verkeerde als andere bewoners die wel een pgb ontvingen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de pgb-aanvraag wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.