ECLI:NL:RBMNE:2019:3403
Rechtbank Midden-Nederland
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Beslissing wrakingsverzoek tegen rechter in civiele procedure ongegrond verklaard
Verzoeker diende een tweede wrakingsverzoek in tegen rechter G.J. van Binsbergen in een civiele zaak. De wrakingskamer overwoog dat de feiten die aan het verzoek ten grondslag lagen niet nieuw waren en dat de eerdere wrakingskamer deze reeds ongegrond had verklaard.
De wrakingskamer benadrukte dat een rechter wordt geacht onpartijdig te zijn totdat het tegendeel is bewezen, waarbij objectieve gronden voor vooringenomenheid vereist zijn. De door verzoeker aangevoerde feiten betroffen geen gedragingen van de rechter die een schending van onpartijdigheid aannemelijk maken.
Daarom werd het verzoek tot wraking ongegrond verklaard. Tevens werd bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in dezelfde procedure niet in behandeling zal worden genomen om misbruik van het wrakingsmiddel te voorkomen. De procedure wordt voortgezet in de stand waarin deze was voor de schorsing.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen rechter G.J. van Binsbergen is ongegrond verklaard en toekomstige wrakingsverzoeken in dezelfde procedure worden niet in behandeling genomen.