Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 19 augustus 2019 in de zaak tussen
[eiser] , te [woonplaats] , eiser
[derde-partij], te [woonplaats] , vergunninghouder
Procesverloop
Overwegingen
Verweerder heeft van het bestemmingsplan willen afwijken, omdat uit de ruimtelijke onderbouwing blijkt dat er geen stedenbouwkundige, landschappelijke en/of andere waarden onevenredig worden aangetast door de inrichting als boomgaard en er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Voor de aanvraag van de activiteit ‘het maken van een uitweg’ heeft de provincie Utrecht op 5 februari 2018 positief geadviseerd, zodat verweerder met inachtneming van de voorschriften de vergunning heeft verleend.